Praktische tips om met controle te BBQ'en
5 veelgemaakte BBQ-fouten en hoe je ze voorkomt
BBQ'en is niet moeilijk, maar er zijn een paar fouten die bijna iedereen wel eens maakt. Je kip net iets te lang laten liggen, je kamado veel te heet laten worden, een hamburger die smaakt alsof hij is een rookoven heeft overnacht of vlees dat muurvast aan je rooster zit. Herkenbaar? Wij zetten deze veelgemaakte fouten op een rij en leggen uit hoe je ze voorkomt.
Gokken of je vlees gaar is
Eén van de grootste fouten bij BBQ’en is gokken of je vlees gaar is. Even voelen, even kijken, even doorsnijden… maar eerlijk: dat blijft gokken. En zeker bij kip wil je dat gewoon niet doen.
De beste manier om te controleren of je vlees gaar is, is meten. Met een goede kernthermometer weet je precies wat er binnenin je vlees gebeurt. Voor kip geldt: zorg dat de kerntemperatuur altijd boven de 72°C zit. Dan weet je zeker dat je goed zit en voorkom je dat je rauwe kip serveert.
Let er ook op dat niet elk stuk vlees tegelijk gaar is. Heb je kippendijen of kipfilets van verschillende groottes op de BBQ liggen? Meet ze dan allemaal even. Het ene stukje kan al perfect zijn, terwijl het andere nog een paar minuten nodig heeft.
Wat je beter niet kan doen, is je vlees opensnijden. Zodra je je mes erin zet, lopen de sappen eruit. Zeker als je vlees op hoge temperatuur hebt gegrild, is de kans groot dat je daarna met een droog stuk kip zit. Meten dus. Dat is sneller, betrouwbaarder en je vlees blijft lekker sappig.
Je BBQ wordt veel te heet
Je steekt je BBQ of kamado aan, loopt even weg en ineens staat hij op 300°C. Oeps… Wil je je BBQ terug laten zakken in temperatuur? Zet dan de bovenste en onderste schuif zo ver mogelijk dicht. Laat ze wel altijd een klein beetje open staan, zodat er nog wat luchtstroom blijft. Sluit je alles volledig af, dan dooft je vuur en gaat je BBQ uiteindelijk uit.
Daarna is het vooral wachten. Een kamado houdt warmte lang vast, dus hij koelt niet binnen een paar minuten volledig terug. Heb je geen tijd om te wachten? Dan kun je je opstelling alvast in de BBQ zetten. Denk aan hitteschilden, gietijzeren roosters of andere accessoires. Dat is koude massa, en zodra je die in je BBQ plaatst, zakt de temperatuur vaak al flink.
Zit je opstelling er al in? Dan is geduld echt de enige oplossing. Meestal zie je na zo’n 20 minuten dat de temperatuur weer een stuk lager is. Voorkomen is natuurlijk beter: stuur je BBQ liever iets eerder terug dan te laat. Een kamado warmt sneller op dan hij afkoelt.
Te veel rook in je BBQ
Te veel rook in je BBQ is geen goed teken. Zeker bij vette producten kan er veel rook ontstaan doordat vet op hete kolen of platen terechtkomt. Een simpele manier om dit te sturen in je luchttoevoer aanpassen. Zet de bovenkant volledig open, zodat rook makkelijk kan ontsnappen. Zet de onderste schuif juist verder dicht. Daarmee voorkom je dat er te veel zuurstof wordt aangezogen en de rook als een soort ventilator langs je product wordt geblazen.
Door de onderste schuif te knijpen, trekt je BBQ minder hard en dwarrelt de rook rustiger naar buiten. Zo voorkom je dat je vlees onnodig veel rook oppakt. Het doel is niet om alle rook weg te halen, maar om te voorkomen dat je product erin verstikt.
Te veel rookhout gebruiken
Een veelgemaakte fout is dat er teveel rookhout wordt gebruikt. Het gevolg? Een hamburger, steak of kipdij die niet subtiel rokerig smaakt, maar compleet doorgerookt is. Voor kleine stukken vlees heb je echt maar weinig rookhout nodig. Maak je bijvoorbeeld een hamburger of steak en wil je een subtiele rooksmaak toevoegen? Gebruik dan een paar rooksnippers of een klein handje. Gooi die tussen de gloeiende houtskool en binnen een paar seconden krijg je al een mooie, subtiele rook.
Ga je juist voor een lange bereiding, zoals pulled pork of brisket? Dan zijn rookchunks een betere keuze. Die geven langer en rustiger rook af en passen beter bij low & slow bereidingen.
Vlees blijft plakken aan je rooster
Niets zo frustrerend als een burger, steak of stuk kip dat vastplakt aan je rooster. Je probeert hem om te draaien, maar hij scheurt open of hij blijft half achter. Gelukkig op de oplossing simpel: geduld.
Zorg er eerst voor dat je BBQ en je rooster goed op temperatuur zijn. Leg daarna je vlees op het rooster en laat het met rust. Niet duwen, niet schuiven, niet meteen proberen te draaien.
Op het moment dat je vlees goed dichtschroeit, laat het vanzelf los. Voel je weerstand wanneer je het probeert om te draaien? Dan is het nog niet zover. Laat het nog even liggen. Na een paar minuten merk je dat het vlees als het ware los op het rooster ligt. Dan kun je het makkelijk omdraaien en heb je meteen een mooie kleur en korst te pakken.